De Tijd: Meerwaardetaks start op 1 januari met overgangsregeling.

PARTAGER

maandag, 8 december, 2025

De meerwaardebelasting zal dan toch al op 1 januari 2026 ingaan, hoewel pas in de loop van volgend jaar over de wet wordt gestemd. Voor het probleem met de inning, die banken al vanaf het jaarbegin moeten doen, is een juridische spitsvondigheid bedacht. ‘Maar onoplettende beleggers dreigen in 2026 plots hun anonimiteit kwijt te spelen.’

Even stond de invoering van de meerwaardebelasting op 1 januari op de helling, maar die zal op nieuwjaarsdag ingaan, zoals voorzien tijdens de regeringsonderhandelingen. De problemen die ontstonden omdat de wet door de aanslepende begrotingsgesprekken pas volgend jaar goedgekeurd zal worden, zou het kernkabinet vrijdag hebben weggewerkt. Dat heeft De Tijd vernomen van meerdere bronnen.

De angel zat niet in de meerwaardetaks op zich. Omdat die een personenbelasting is die pas na afloop van het jaar betaald moet worden, heeft de meerderheid in principe tot eind 2026 om over de wet te stemmen in het parlement. Maar wel de inning van de taks was het obstakel. Omdat de wet op 1 januari nog niet in voege zal zijn, kunnen banken de belasting op de meerwaarde technisch nog niet inhouden. Om die reden heeft het kabinet van minister van Financiën Jan Jambon (N-VA) een overgangsregeling uitgewerkt.

Banken zullen de taks – die technisch de vorm van een roerende voorheffing aanneemt – niet afhouden bij verkopen van effecten tussen 1 januari en de inwerkingtreding van de wet, tenzij de klant er uitdrukkelijk om vraagt. Vanaf de inwerkingtreding zullen banken bij een verkoop wel de keuze aan de klant voorleggen: ofwel houdt de bank de taks in (opt-in), ofwel houdt ze die niet in (opt-out), maar dan moet de belegger de taks later wel aangeven in zijn aangifte.

Anonimiteit

Wie in de periode tussen 1 januari en de stemming van de wet zijn bank dus niet vraagt om de taks af te houden – of als de bank daartoe niet in staat blijkt – moet dat later doen in zijn belastingaangifte. ‘Deze regeling getuigt van gedegen juridische creativiteit om technisch tegemoet te komen aan de politieke beslissing om de meerwaardebelasting retroactief in te voeren op 1 januari. In eenvoudige gevallen kan het wellicht ook werken’, zegt Wouter Verhoeye, fiscaal advocaat bij Argo Law. Denis-Emmanuel Philippe, fiscalist bij Bloom Law, spreekt zelfs van ‘juridische spitstechnologie’.

Maar het schoentje knelt bij de anonimiteit van beleggers. Normaal hebben ze die anonimiteit automatisch tegenover de fiscus, omdat de banken standaard de taks inhouden. Nu krijgen we een tegengestelde situatie voor meerwaarde die gerealiseerd wordt voor de publicatie van de wet: beleggers verliezen hun anonimiteit (opt-out is de standaard), tenzij ze zelf aan de bank vragen de taks in te houden (opt-in).

Daarmee draait de politiek een ‘fundamenteel principe’ om en dreigen nieuwe praktische problemen de kop op te steken, zegt Verhoeye. ‘Wat als er meerdere rekeninghouders zijn en één ervan aan de andere kant van de wereld zit en onbereikbaar is? Of wat als de bank er gewoon niet klaar voor blijkt of ze deze vrijwillige dienstverlening niet kan aanbieden?’

Volgens Philippe zijn banken niet verplicht om de voorheffing in te houden en aan de schatkist te storten. ‘Als de bank weigert, heeft de klant geen andere keuze dan de belastbare meerwaarde zelf in de aangifte van de personenbelasting aan te geven. Weg anonimiteit dus’, zegt hij. ‘Ik durf niet uit te sluiten dat dat zal gebeuren. De banken zijn woedend over de meerwaardetaks en de nieuwe bankentaks die 150 miljoen euro moet opbrengen.’

Schending gelijkheidsbeginsel?

‘Het gevolg zal wellicht zijn dat niet alle belastingplichtigen gebruik kunnen maken van het opt-in-systeem. Zo dreigen ze door de politieke vertraging in 2026 dus plots hun anonimiteit kwijt te spelen. Dat kan juridisch resulteren in een ongelijke behandeling van belastingplichtigen en een mogelijke schending van het gelijkheidsbeginsel’, zegt Verhoeye.

Belangrijk om op te merken is wel dat wie wil gebruikmaken van de jaarlijkse vrijstelling van 10.000 euro meerwaarde sowieso verplicht is die vrijstelling via de belastingaangifte aan te vragen. Wie kiest voor de opt-in – waarbij de bank de taks afhoudt – zal geen aanspraak kunnen maken op de vrijstelling.

Toch had dat alles vermeden kunnen worden door de meerwaardebelasting pas in de loop van 2026, na de publicatie van de wet, te laten ingaan, zegt Verhoeye. ‘Alleen blijkt een uitgestelde invoering politiek blijkbaar onbespreekbaar, zelfs al zou dat juridisch op het eerste gezicht veel eenvoudiger zijn. Net zoals met andere onderdelen van de meerwaardebelasting, is ook dit een voorbeeld van een politieke beslissing die onnodige juridische gymnastiek vereist om ze te implementeren.’

Journalisten Daan Bleus, Peter Van Maldegem, Dieter Dujardin

Lees ook het artikel in ‘ De Tijd’.

 

PARTAGER

Loading...