De Tijd: Strengere kaaimantaks doet Belgen buitenlandse constructies afbouwen

PARTAGER

vrijdag, 6 maart, 2026

Een recent arrest geeft Belgische families mogelijk nieuwe argumenten om hun Luxemburgse investeringsfondsen buiten het toepassingsgebied van de kaaimantaks te houden.

De hervorming van de kaaimantaks in 2023 heeft haar doel niet gemist: veel belastingplichtigen hebben aandelen van getroffen fondsen teruggekocht of buitenlandse juridische structuren naar België teruggebracht, zegt het Rekenhof. Al is de precieze opbrengst van de belasting voorlopig onbekend.

De kaaimantaks, die sinds 2015 bestaat en in 2023 werd aangescherpt, lijkt haar doel te bereiken: voorkomen dat Belgen massaal buitenlandse juridische constructies opzetten. Dat stelt het Rekenhof in een recent rapport.

De kaaimantaks werd elf jaar geleden ingevoerd door de regering-Michel. Het principe is eenvoudig: de inkomsten van een juridische constructie zoals een trust, stichting of schermvennootschap worden fiscaal behandeld alsof ze rechtstreeks door de oprichters of begunstigden zijn ontvangen.

In het voorjaar van 2023 wees het Rekenhof in een rapport op verschillende lacunes in de wetgeving en mogelijke ontsnappingsroutes. Nu zegt de instelling dat de daaropvolgende hervorming in december 2023 dat grotendeels verholpen heeft en dat de doeltreffendheid van het systeem sterk verhoogd is.

De essentie

De strengere kaaimantaks heeft ertoe geleid dat veel Belgen hun buitenlandse constructies hebben afgebouwd of teruggehaald naar België.

Nieuwe regels, zoals de exittaks en strengere controles, maken het moeilijker en minder aantrekkelijk om buitenlandse structuren aan te houden.

Door beperkte data is de precieze opbrengst van de kaaimantaks onzeker, maar daarin komt binnenkort verandering.

Het nieuwe rapport wijst onder meer op het afschrikkende effect van de strengere regels. Tal van belastingplichtigen hebben aandelen van investeringsfondsen die onder de kaaimantaks vallen teruggekocht, of hebben de fondsen vereffend. Vermogende families namen vaak al vóór de inwerkingtreding van de hervorming in 2024 het initiatief om dergelijke structuren af te bouwen.

Dat bleek ook al uit de belastingaangiftes van 2024, waarin het aantal Belgen dat aangaf een buitenlandse constructie te bezitten 8,4 procent lager lag dan het jaar ervoor. De auditeurs stelden ook vast dat verschillende Nederlandse ‘Stichtingen Administratiekantoor’ (STAK) hun bestuurszetel naar België hebben verplaatst. Daarnaast zijn meer Luxemburgse Sicav SIF-fondsen naar België gerepatrieerd.

Door die structuren naar België terug te halen, vermijden betrokkenen de complexiteit van de taks. ‘Dat kapitaal naar België terugkeert, toont hoezeer de kaaimantaks afschrikt’, zegt Denis-Emmanuel Philippe, fiscalist bij Bloom en docent aan de universiteit van Luik.

Actieve controle

De hervorming van de kaaimantaks voerde ook een exittaks in. Wanneer de oprichter van een buitenlandse juridische constructie zijn fiscale woonplaats naar het buitenland verplaatst, worden de niet-uitgekeerde winsten van die structuur geacht te zijn uitgekeerd en belast alsof ze als dividend zijn uitgekeerd, tegen 30 procent roerende voorheffing. Het moet voorkomen dat Belgen eerst vermogen in een buitenlandse structuur onderbrengen en vervolgens emigreren om aan de Belgische belasting te ontsnappen.

Volgens het Rekenhof wordt die regeling actief gecontroleerd. De fiscus kruist de gegevens van Belgen die emigreren met de aangiften waarin buitenlandse constructies worden gemeld, om na te gaan of de exittaks wordt betaald. De Bijzondere Belastinginspectie identificeerde op die manier al een 50-tal Belgische oprichters die mogelijk onder de regeling vallen.

Daarnaast komt er een nieuwe exittaks, die gekoppeld is aan de nieuwe meerwaardebelasting. Die houdt in dat wie zijn fiscale woonplaats naar het buitenland verplaatst, wordt belast op ongerealiseerde meerwaarden op aandelen, obligaties en cryptoactiva alsof ze op dat moment verkocht zijn. ‘Het is zeer waarschijnlijk dat ook die toekomstige exittaks even streng gecontroleerd zal worden’, voorspelt Philippe. ‘Het systeem staat nu op punt.’

Volgens de fiscalist is het vandaag allesbehalve eenvoudig om nog buitenlandse juridische constructies aan te houden. ‘Naast de transparante belastingheffing moet je rekening houden met de exittaks en een zware administratieve last. Daarbovenop komen stevige fiscale controles en het risico op forse bijsturingen.’

Volgens Philippe probeert de overheid zo Belgen ertoe aan te zetten hun buitenlandse structuren naar België terug te halen. ‘De bedoeling is duidelijk: het kapitaal opnieuw in de Belgische economie laten circuleren en de inkomsten ervan hier effectief belasten.’

Luxemburgs fonds

Het Rekenhof wijst wel op een arrest van het Grondwettelijk Hof van september 2025. Dat vernietigde bepaalde onderdelen van de hervorming van december 2023, onder meer een deel van de regels rond ‘dedicated funds’. Sommige Luxemburgse private banken zijn gespecialiseerd in zulke investeringsfondsen voor vermogende Belgische families, vaak in de vorm van een familiale Sicav SIF.

Volgens Philippe geeft het arrest Belgische families mogelijk nieuwe argumenten om hun Luxemburgse investeringsfondsen buiten het toepassingsgebied van de kaaimantaks te houden.

Het Rekenhof merkt ten slotte op dat de opbrengst van de kaaimantaks moeilijk exact te meten is, omdat de fiscus lange tijd weinig gedetailleerde informatie had over buitenlandse constructies. Belastingplichtigen moesten vroeger enkel het bestaan ervan melden. Sinds de hervorming van 2023 moeten ze een uitgebreide bijlage met gegevens over vermogen en inkomsten indienen. Die rapportering geldt pas vanaf recente aanslagjaren en is nog niet lang genoeg beschikbaar om al een betrouwbare raming van de opbrengst te maken.

Journalisten Jean-Paul Bombaerts en Mattias Verbergt

Lees ook het artikel in de Tijd 

De Tijd 06 03 2026

PARTAGER

Loading...